De conclusie dat mensen onvolmaakt zijn na
het begaan van fouten was voor haar duidelijk. Echter vond ze dat Jezus een
volmaakt persoon was, ook doordat hij besloot te sterven aan het kruis. Dit
verteld hij ook tijdens de velen gesprekken met de Bijbelse figuren: je
negatief uiten hoeft niet erg te zijn, aangezien God het je in het gebed kan
vergeven. Bij al je daden behoort verhoring en verlossing door God. Dat dit
gegeven voor haar persoonlijk gold verduidelijkte ze met een bezoek van een
aantal jaren geleden.
Toen ze als jong meisje nog op school zat
had ze een aardig klasgenootje, dat even oud was als zij. Beiden doorliepen ze
het basis- en middelbaar onderwijs. Niets om je zorgen over te maken. Tot een
aantal jaar geleden. Met het groepje van de yogacursus bezochten ze voor een
weekend het klooster. Twee volle dagen van bidden en ervaren hoe je de rust
kunt opzoeken, zonder afgeleid te worden. Op de zondag mochten ze de kerkdienst
in het centrale gedeelte bijwonen om daarna de eventuele zonden te vergeven. De
hoofdzuster was aangesteld om als heilig zalfster een zegen uit te spreken. Ze
wilde haar vroegere klasgenote vergeven wat haar na al die jaren dwars had
gezeten. Een portemonnee uit haar broekzak stelen had Noor flink afgestraft met
een ferme klap op haar hoofd. Toen ze in de biechtstoel zat tegenover de
hoofdzuster, sprak ze in een aantal zinnen uit waarom het haar zo aangreep. Wat
daarop volgde betekende geen vergeving van haar daad. Het feit dat alles in het
christendom vergeven kan worden, gold niet voor de hoofdzuster. Als
kloosterling had ze zich voorgenomen de buitenwereld te vergeten en daarbij ook
haar verleden. De paar zinnen over een Noor en haar daad was niet goed
aangekomen. De herinnering betekende voor de hoofdzuster een persoonlijke
confrontatie, aangezien zij Noor heette en moeilijk voor haar vroegere
klasgenote een zegen uit kon spreken. Haar negatieve woorden moest ze maar bij
een andere zuster laten vergeven.
Er kwamen kort wat tranen over haar gezicht.
Deze ontmoeting was een samenloop van omstandigheden. Het volgende gebed bij de
andere zuster had ze afgesloten met het gegeven dat je fouten uit het verleden
bij God mag neerleggen, ook bij een confrontatie van een vroegere klasgenote.
De hoofdzuster had ze sinds het kloosterbezoek niet meer gezien en ze bad nog
steeds haar ook niet meer tegen te komen.
Welke ontmoeting is jou bijgebleven?